Overboarding

Rietveld schreef een artikel over “overboarding” (gelukkig iets anders dan waterboarding) in het kader van de limiteringsregelingen in het Nederlandse rechtspersonenrecht. Het artikel is te vinden op deze locatie.

Geplaatst in Bestuur en toezicht | Tags: | Een reactie plaatsen

Kritiek F. Kemp op voorstellen bestrijding faillissementsfraude / voorstellen tot wijziging handelsregister

F. Kemp oefent in zijn artikel “Faillissementsfraude: een hardnekkig fenomeen; pleidooi voor een preventieve aanpak” kritiek uit op de huidige wetgevende voorstellen op het gebied van faillissementsfraude. Het artikel is opgenomen in het recente WODC rapport “Fraude”.

Samenvatting van het artikel op pagina 9 van het rapport:

Een veel voorkomende vorm van fraude in Nederland is faillissementsfraude. Volgens sommige schattingen gaat het om een gemiddeld bedrag van 4 miljoen per dag. Recent is nieuwe wetgeving aangekondigd om dit hardnekkige fenomeen te bestrijden. Frits Kemp analyseert de regeringsplannen en komt tot de conclusie dat deze onvoldoende zullen bijdragen aan preventie van faillissementsfraude. Hij betoogt dat de nadruk te eenzijdig ligt op een strafrechtelijke aanpak. Slachtoffers van faillissementsfraude hebben daar weinig van te verwachten. Ook meent hij dat de nieuwe aanpak meer oog heeft voor de schade die de overheid (in de vorm van gemiste belastinginkomsten) lijdt dan voor de schade van gedupeerde particulieren. De auteur doet voorstellen voor een meer integrale aanpak. De modernisering van het handelsregister speelt daarin een belangrijke rol, evenals de ontwikkeling van een preventief instrumentarium waarmee fraude in een vroeg stadium kan worden gedetecteerd.

Geplaatst in Bestrijding misbruik rechtspersonen, Ondernemersplein, handelsregister en KvK | Tags: | Een reactie plaatsen

Hinderlijke reclame onder blogberichten

Tot mijn spijt staan er tegenwoordig hinderlijke reclameberichten onder blogberichten op dit door WordPress gehoste blog. Het is wel mijn bedoeling daar iets aan te doen, helaas ontbreekt me daar nu de tijd voor. Degenen die zich storen aan de reclameberichten van de WordPress partners, bied ik hierbij mijn excuses aan.

Geplaatst in Diversen | Een reactie plaatsen

EU subsidie voor internationaal paspoort voor rechtspersonen, dat ook gegevens inzake de “ubo” zal gaan bevatten

Uit een bericht op de KNB-site blijkt dat de Europese commissie heeft besloten subsidie toe te kennen om het internationaal paspoort voor rechtspersonen in digitale vorm uit te werken, zie hierna. Dit paspoort zal ook de gegevens van de “uiteindelijk belanghebbende” in de zin van de antiwitwasrichtlijnen gaan bevatten.

EU subsidie voor internationaal paspoort voor rechtspersonen
31 juli 2014

De Europese commissie heeft besloten subsidie toe te kennen om het internationaal paspoort voor rechtspersonen in digitale vorm uit te werken. Dit op verzoek van het Europees Notarieel Netwerk (RNE/ENN).
Het paspoort is een middel om snel betrouwbare informatie over een rechtspersoon te krijgen. Het bevat meer informatie dan nu openbaar wordt gemaakt in het handelsregister, zoals bijvoorbeeld de namen en adressen van aandeelhouders met een belang van 25 procent of meer.

Controleformulier
Het Europees Notarieel Netwerk heeft al een digitaal Europees controleformulier voor notariële volmachten beschikbaar. Notarissen kunnen dit op de site van RNE/ENN downloaden. Op vergelijkbare manier gaat het ENN nu een paspoort voor rechtspersonen ontwikkelen. De Raad voor Europese Notarissen heeft het voorstel eerder omarmd. Zo staat in het Plan 2020: ‘Making it easier for businesses to move around Europe thanks to the creation of tools to check the reliability of the business’s representatives and constituents.’

Voor eind 2014 moet het digitale format voor het paspoort gereed zijn.

Geplaatst in Bestrijding misbruik rechtspersonen, Controle op rechtspersonen, Ondernemersplein, handelsregister en KvK | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Wetsvoorstel ingediend waarin extra sancties worden verbonden aan niet-naleving administratieplicht | nieuw begrip beleidsbepaler | bestuurder v.o.f.

Afgelopen week is het wetsvoorstel waarin onder meer extra sancties worden verbonden aan de niet-naleving van de administratieplicht van boek 3 en boek 5 BW bij de Tweede Kamer ingediend. Niet-naleving van deze verplichting wordt een economisch delict, aldus artikel III van het wetsvoorstel.

Strafbepalingen voor faillissementssituaties

In faillissement kunnen een aantal nieuwe strafbepalingen worden benut, die betrekking hebben op de verplichting van gefailleerde tot verschaffing van informatie aan de curator en op diens verplichting de curator de administratie te verschaffen.

De op de administratieplicht betrekking hebbende bepalingen, opgenomen in artikel I van het voorstel, luiden als volgt:

Artikel 344a

1. Hij die in staat van faillissement is verklaard, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vijfde categorie:
1°. indien hij desgevraagd opzettelijk niet terstond, overeenkomstig de op hem rustende wettelijke verplichtingen ter zake, een ingevolge de wettelijke verplichtingen gevoerde en bewaarde administratie en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers in ongeschonden vorm, zo nodig met de hulpmiddelen om de inhoud binnen redelijke termijn leesbaar te maken, aan de curator verstrekt;
2°. indien hij voor of tijdens het faillissement opzettelijk niet heeft voldaan aan de wettelijke verplichtingen tot het voeren van een administratie en het bewaren van de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers, ten gevolge waarvan de afhandeling wordt bemoeilijkt.

2. Met dezelfde straf wordt gestraft de bestuurder of commissaris van een rechtspersoon, indien:
1°. hij tijdens het faillissement van de rechtspersoon desgevraagd opzettelijk niet terstond, overeenkomstig de op hem rustende wettelijke verplichtingen ter zake, een ingevolge de wettelijke verplichtingen gevoerde en bewaarde administratie en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers in ongeschonden vorm, zo nodig met de hulpmiddelen om de inhoud binnen redelijke termijn leesbaar te maken, aan de curator verstrekt;
2°. hij tijdens het faillissement van de rechtspersoon, of voor het faillissement indien dit is gevolgd, opzettelijk niet heeft voldaan aan of heeft bewerkstelligd dat werd voldaan aan de wettelijke verplichtingen tot het voeren van een administratie en het bewaren van de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers, ten gevolge waarvan de afhandeling wordt bemoeilijkt.

3. Hij ten aanzien van wie de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vijfde categorie, indien:
1°. hij desgevraagd opzettelijk niet terstond, overeenkomstig de op hem rustende wettelijke verplichtingen ter zake, een ingevolge de wettelijke verplichtingen gevoerde en bewaarde administratie en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers in ongeschonden vorm, zo nodig met de hulpmiddelen om de inhoud binnen redelijke termijn leesbaar te maken, aan de bewindvoerder verstrekt;
2°. hij voor of tijdens de toepassing van de schuldsaneringsregeling opzettelijk niet heeft voldaan aan de wettelijke verplichtingen tot het voeren van een administratie en het bewaren van de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers, ten gevolge waarvan de schuldsanering wordt bemoeilijkt.

Artikel 344b
1. Hij die in staat van faillissement is verklaard aan wiens schuld het te wijten is dat voor of tijdens het faillissement niet is voldaan aan de wettelijke verplichtingen tot het voeren van een administratie en het bewaren van de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers, ten gevolge waarvan de afhandeling wordt bemoeilijkt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie.
2. De bestuurder of de commissaris van een rechtspersoon aan wiens schuld het te wijten is dat tijdens het faillissement van de rechtspersoon, of voor het faillissement indien het faillissement is gevolgd, niet is voldaan aan de wettelijke verplichtingen tot het voeren van een administratie en het bewaren van de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers, ten gevolge waarvan de afhandeling wordt bemoeilijkt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie.
3. Hij ten aanzien van wie de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie, indien het aan zijn schuld te wijten is dat voor of tijdens de toepassing van de schuldsaneringsregeling niet is voldaan aan de wettelijke verplichtingen tot het voeren van een administratie en het bewaren van de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers, ten gevolge waarvan de schuldsanering wordt bemoeilijkt.

Opvallend is dat voor het strafbare feit van artikel 344b nieuw geen opzet vereist is.

Dit nieuwe artikel in de Faillissementswet is ook interessant:

Artikel 348a
1. Onder bestuurder van een rechtspersoon worden voor de toepassing van de bepalingen in deze Titel mede begrepen zij die feitelijk optreden als bestuurder van een rechtspersoon.
2. Voor de toepassing van de bepalingen in deze Titel worden onder bestuurders van een rechtspersoon tevens begrepen de bestuurders van een vennootschap onder firma en van een commanditaire vennootschap.

Bestuurder vennootschap onder firma

In artikel 348a lid 2 wordt een nieuw fenomeen geïntroduceerd: de bestuurder van een vennootschap onder firma. Voor zover mij bekend kent een firma alleen vennoten. Dus ik ben benieuwd wie de wetgever hier bedoelt.

Nieuw begrip ‘beleidsbepaler’

Voorts is bijzonder dat in lid 1 van het nieuwe artikel 348a een nieuw begrip ‘beleidsbepaler’ wordt omschreven, dat afwijkt van het begrip beleidsbepaler dat elders in boek 2 BW wordt gebruikt. Zie bijvoorbeeld artikel 248 lid 7 BW2:

Met een bestuurder wordt voor de toepassing van dit artikel gelijkgesteld degene die het beleid van de vennootschap heeft bepaald of mede heeft bepaald, als ware hij bestuurder.

Een vergelijkbare omschrijving is in het fiscale recht te vinden. De grote vraag is of “degene die feitelijk optreedt als bestuurder” dezelfde is als “degene die het beleid van de vennootschap heeft bepaald of mede heeft bepaald, als ware hij bestuurder” en zo nee wat het verschil is. De verwarring zal hiermee alleen maar toenemen, zeker nu in het financiële recht weer geheel andere begrippen worden gehanteerd (zie mijn artikel “De ene beleidsbepaler is de andere niet”, augustus 2012).

Meer informatie

Aanvulling 12 augustus 2014
F. Kemp oefent in zijn artikel “Faillissementsfraude: een hardnekkig fenomeen; pleidooi voor een preventieve aanpak” kritiek uit op de huidige wetgevende voorstellen op het gebied van faillissementsfraude, die vooral de overheid bevoordeelt. Het artikel is opgenomen in het recente WODC rapport “Fraude”. Samenvatting van het artikel op pagina 9 van het rapport:

Een veel voorkomende vorm van fraude in Nederland is faillissementsfraude. Volgens sommige schattingen gaat het om een gemiddeld bedrag van 4 miljoen per dag. Recent is nieuwe wetgeving aangekondigd om dit hardnekkige fenomeen te bestrijden. Frits Kemp analyseert de regeringsplannen en komt tot de conclusie dat deze onvoldoende zullen bijdragen aan preventie van faillissementsfraude. Hij betoogt dat de nadruk te eenzijdig ligt op een strafrechtelijke aanpak. Slachtoffers van faillissementsfraude hebben daar weinig van te verwachten. Ook meent hij dat de nieuwe aanpak meer oog heeft voor de schade die de overheid (in de vorm van gemiste belastinginkomsten) lijdt dan voor de schade van gedupeerde particulieren. De auteur doet voorstellen voor een meer integrale aanpak. De modernisering van het handelsregister speelt daarin een belangrijke rol, evenals de ontwikkeling van een preventief instrumentarium waarmee fraude in een vroeg stadium kan worden gedetecteerd.

Geplaatst in Accountant en ondernemingsrecht, Bestrijding misbruik rechtspersonen, Jaarstukken en financiële verantwoording | Een reactie plaatsen

Wetgevingsconsultatie over deponering bescheiden in het handelsregister langs elektronische weg

De rijksoverheid is op 23 juli jl. een wetgevingsconsultatie gestart inzake deponering van bescheiden in het handelsregister langs elektronische weg. Einddatum is 5 september 2014. Het doel van de nieuwe regeling wordt als volgt omschreven:

Het opstellen en deponeren van de jaarrekening sneller, makkelijker en efficiënter maken voor ondernemers door rechtspersonen uitsluitend langs eenvormige elektronische weg, dat wil zeggen via SBR of online service “Zelf deponeren jaarrekening”, hun jaarrekening bij de Kamer van Koophandel te laten deponeren.

Elektronische deponering heeft gevolgen voor de volgende wetten:

Wijziging Handelsregisterwet

Hoewel de hierboven geciteerde toelichting suggereert dat het alleen om publicatiestukken gaat, is de consultatietekst ruimer. Het gaat om alle vormen van deponering. Voorgestelde wijziging Handelsregisterwet 2007:

In de Handelsregisterwet 2007 wordt na artikel 19 een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 19a
1. Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat bescheiden waarvan bij of krachtens de wet is voorgeschreven dat die bij het handelsregister worden gedeponeerd, uitsluitend langs elektronische weg worden gedeponeerd en worden nadere regels gesteld over de wijze waarop die deponering moet plaatsvinden.
2. Voor bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bescheiden, bedoeld in het eerste lid, waarvan de inhoud betrekking heeft op enig boekjaar wordt bepaald vanaf welk boekjaar het besluit daarop van toepassing is.
3. De Kamer draagt zorg voor het langs elektronische weg kunnen ontvangen van de aangewezen bescheiden, bedoeld in het eerste lid, op de bij het besluit, bedoeld in dat lid, vastgestelde wijze.

Wijziging boek 2 BW en Wet op de formeel buitenlandse vennootschappen

De voorgestelde wijzigingen in boek 2 BW betreffen de publicatiestukken, en deponeringsverplichtingen op grond van artikelen 404, 408 en 409. Verder wijzigt de deponeringsverplichting van artikel 5 tweede lid Wet op de formeel buitenlandse vennootschappen.

Overige informatie consultatie 

Doelgroepen die door de regeling worden geraakt
Deponeringsplichtige rechtspersonen, softwareleveranciers, financieel intermediairs en de Kamer van Koophandel.

Verwachte effecten van de regeling
Het opstellen en deponeren van de jaarrekening zal sneller, makkelijker en efficiënter worden voor ondernemers. Door bij het opstellen van de jaarrekening in de eigen boekhouding gebruik te maken van SBR-standaarden, kunnen gegevens uit die boekhouding door de ondernemer straks ook worden gebruikt voor andere applicaties en voor (toekomstige) andere uitvragende partijen, zoals overheidspartijen, banken en intermediairs. Verantwoordingsrapportages hoeven dan niet langer in verschillende formaten op verschillende manieren bij de verschillende overheidspartijen te worden aangeleverd. Dit is voor alle partijen efficiënter. Daarnaast hoeven de benodigde gegevens niet meer diverse malen ingevoerd te worden en de bescheiden hoeven niet meer gekopieerd en via e-mail of post verzonden te worden. De gegevens kunnen direct vanuit de eigen administratie samengevoegd en verzonden worden. Een ondernemer kan hierdoor eenvoudiger en tijdig aan zijn verplichtingen voldoen. Bovendien neemt de kwaliteit van de rapportages, zoals de jaarrekening, toe, omdat er minder risico is op fouten in het overnemen van cijfers uit de administratie in de jaarrekening. De kwaliteit van die in het handelsregister gedeponeerde bescheiden neemt hierdoor eveneens toe. Gebruikers van het handelsregister, denk aan investeerders, afnemers, leveranciers en andere zakenpartners, hebben hier baat bij. Verder ontstaat de mogelijkheid om de ondernemer betere toegang te bieden tot bedrijfseconomische gegevens en vergelijkende cijfers van branchegenoten, waardoor ook benchmarking wordt vergemakkelijkt.

Bronnen

Geplaatst in Accountant en ondernemingsrecht, Jaarstukken en financiële verantwoording, Ondernemersplein, handelsregister en KvK | Tags: | Een reactie plaatsen

Huizink over negatief eigen vermogen bij de flex-bv

Volgers van dit weblog weten dat het “negatief eigen vermogen” bij de flex-bv zich in mijn grote belangstelling kan verheugen.

Daarom attendeer ik jullie op het onlangs in het Tijdschrift voor Jaarrekeningenrecht verschenen artikel van J.B. Huizink, ‘Art. 2:216 BW en negatief eigen vermogen: de macht van de taal’ (TvJ 2014, p. 5).

Berichten op dit weblog over het negatief eigen vermogen:

Geplaatst in Accountant en ondernemingsrecht, Uitkeringen (o.a. dividend) | Tags: , | Een reactie plaatsen

Stand van zaken Europese eenpersoonsvennootschap (single-member private limited liability companies)

Na lancering van het plan voor de eenpersoonsvennootschap door de Europese Commissie is het nu afwachten wat er gaat gebeuren. Onderstaand enige informatiebronnen.

EU

Europese stemmen

Nederland

  • In Nederland is een internetconsultatie gehouden, die op 18 april van start is gegaan en op 26 mei jl. is gesloten.
  • Op 23 mei jl. is een Nederlandse fiche bekend gemaakt, met het standpunt van Nederland. Zie over de fiche ook mijn weblogbericht. Nederlands standpunt: “Het kabinet ondersteunt het streven van de Europese Commissie om grensoverschrijdende activiteiten van (MKB)ondernemers te bevorderen en de kosten die met de oprichting van buitenlandse dochtermaatschappijen gemoeid gaan, te verminderen. Het kabinet meent evenwel dat het richtlijnvoorstel verder gaat dan noodzakelijk om deze doelstellingen te bereiken. Het kabinet meent weliswaar dat een Europese rechtsvorm een meerwaarde kan hebben, maar ook dat de concurrentie tussen nationale rechtsvormen tot goede resultaten en innovatie kan leiden, omdat nationale rechtsvormen dichtbij de specifieke praktijk van lidstaten staan. Als uit de nationale praktijk blijkt dat er behoefte is om de regelgeving te wijzigen, zal deze noodzaak in Europees verband wellicht niet altijd worden gevoeld, of andersom. Het kabinet ziet de identificatie van oprichters in geval van online-registratie als aandachtspunt in het kader van het tegengaan van misbruik van rechtspersonen.
  • Op 26 mei jl. is het advies van de Gecombineerde Commissie Vennootschapsrecht van de KNB en NOVA verzonden, zie ook mijn artikel
  • Op 28 mei jl. schreef de KNB over het voorstel, zoals ook vermeld in mijn artikel
  • Op 12 juni 2014 heeft de KNB kritiek geleverd op het voorstel. De aankondiging is ook te lezen in mijn weblogbericht
Geplaatst in Eenpersoonsvennootschap, Europa en het rechtspersonenrecht, Europese rechtsvormen | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Nieuwe tekst voor artikel 2:210 lid 5 BW (“vereenvoudigde” vaststelling van de jaarrekening) is er nog steeds niet

Ondanks de aankondiging van 17 februari jl. dat er een nieuwe tekst zou worden opgesteld voor artikel 210 lid 5 BW2, is het stil gebleven. Gezien de rondom deze bepaling gesignaleerde problemen is dat teleurstellend.

Mededeling 17 februari 2014

De op 17 februari 2014 bekend gemaakte mededeling luidde:

De leden van de VVD-fractie hebben een groot aantal vragen naar aanleiding van de tekst en de toelichting van het voorgestelde artikel 2:210 lid 5 BW, mede naar aanleiding van het artikel «Vereenvoudigde vaststelling jaarrekening wordt nog complexer» van dhr. A. Dieleman in Accountancynieuws (22 november 2013, nr. 20).
Naar aanleiding van deze vragen heb ik besloten de wijziging van artikel 2:210, vijfde lid, BW uit het voorstel voor deze verzamelwet te halen. De discussie over dit artikel gaat het bestek van deze verzamelwet te buiten, die bedoeld is voor herstel van technische leemtes en gebreken. Ik zal op zo kort mogelijke termijn in een ander wetsvoorstel een voorstel tot aanpassing van artikel 210, vijfde lid, indienen, met inachtneming van de vragen van deze leden.

Vindplaats van de mededeling: Nota naar aanleiding van het verslag, ontvangen 17 februari 2014 (voorstel Verzamelwet Veiligheid en Justitie 2013, K. 33 771).

Geplaatst in Accountant en ondernemingsrecht, Jaarstukken en financiële verantwoording | Tags: , | Een reactie plaatsen

WNT: wetsvoorstellen ingediend op grond waarvan het norminkomen van de WNT wordt verlaagd

Uit een bericht van de rijksoverheid van 1 juli 2014, “Topinkomens publieke sector verder verlaagd“, blijkt dat wetsvoorstellen zijn ingediend bij de Tweede Kamer, waarin het WNT-normsalaris wordt verlaagd:

Topinkomens publieke sector verder verlaagd
Nieuwsbericht | 01-07-2014

De regering heeft het wetsvoorstel voor verlaging van de norm voor topinkomens in de publieke en semipublieke sector naar 100% van het ministerssalaris ingediend bij de Tweede Kamer. Nu mogen de topfunctionarissen nog 130% van een ministerssalaris verdienen. De wet moet op 1 januari 2015 ingevoerd worden. De ministerraad stemde hiermee in op voorstel van minister Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Met de aanpassing van de norm naar het salaris van een minister wil de regering de bezoldiging van topfunctionarissen in de (semi-)publieke sector naar een maatschappelijk meer aanvaardbaar, evenwichtiger en verantwoord niveau brengen. Dat betekent dat vanaf volgend jaar het maximum salaris (inclusief vakantie-uitkering en eindejaarsuitkering) € 144.108 bedraagt. Plus onkosten en pensioenbijdrage komt dat neer op € 169.425 per jaar.

Overgangsregeling
Nieuwe topfunctionarissen zullen na de inwerktreding van de wet direct onder de nieuwe norm van 100% vallen. Zittende functionarissen die de norm overschrijden kunnen een beroep doen op overgangsrecht. Zij houden 4 jaar lang de salarisafspraken die zij hadden nadat de wet in werking treedt. Daarna gaat hun salaris in 3 jaar stapsgewijs omlaag naar de norm van de wet.

Documenten en publicaties

Wetsvoorstel verlaging bezoldigingsmaximum WNT
Wetsvoorstel inzake aanpassing van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector in verband met …
Kamerstuk | 01-07-2014

Nader rapport voorstel van wet verlaging bezoldigingsmaximum WNT
Nader rapport van minister Plasterk (BZK) aan de Tweede Kamer inzake voorstel van wet verlaging bezoldigingsmaximum WNT.
Kamerstuk | 01-07-2014

Memorie van Toelichting Wet verlaging bezoldigingsmaximum WNT
Memorie van toelichting inzake aanpassing van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector in …
Kamerstuk | 01-07-2014

Advies Raad van State inzake voorstel van wet verlaging bezoldigingsmaximum WNT
Kamerstuk | 01-07-2014

Geplaatst in Accountant en ondernemingsrecht, Beloning bestuurders en toezichthouders, Jaarstukken en financiële verantwoording | Tags: | Een reactie plaatsen