Formulering van het inkoopartikel in statuten naar nieuw bv-recht

In het nieuwe bv-recht gelden balanstest en uitkeringstest niet alleen voor uitkeringen als bedoeld in artikel 216, maar ook bij inkoop. Artikel 207 is echter anders opgebouwd dan artikel 216. In artikel 207 lid 2 worden de beide tests in één adem genoemd:

De vennootschap mag, behalve om niet, geen volgestorte eigen aandelen verkrijgen indien het eigen vermogen, verminderd met de verkrijgingsprijs, kleiner is dan de reserves die krachtens de wet of de statuten moeten worden aangehouden of indien het bestuur weet of redelijkerwijs behoort te voorzien dat de vennootschap na de verkrijging niet zal kunnen blijven voortgaan met het betalen van haar opeisbare schulden.

Deze tekst is door het KNB in de modelstatuten over genomen, overigens zonder overneming van artikel 207 lid 3 dat gaat over de aansprakelijkheid. Overneming van de wettekst heeft tot gevolg dat de indruk wordt gewekt dat in situaties dat de balanstest moet worden uitgevoerd geen uitkeringstest meer nodig is. Dat is een gevolg van het woordje “of” in het midden.

Uit de parlementaire geschiedenis blijkt dat aan beide eisen moet worden voldaan. Sommigen menen dat dit ook taalkundig het geval is.

Ik meen het aanbeveling verdient om de statutaire tekst inzake inkoop anders te formuleren. Na overleg met Wessel Bosse kom ik tot de volgende tekst voor artikel 11 lid 2 van het KNB-model, ik voeg ook een bepaling over aansprakelijkheid toe:

De vennootschap mag, behalve om niet, geen volgestorte eigen aandelen verkrijgen indien het eigen vermogen, verminderd met de verkrijgingsprijs, kleiner is dan de reserves die krachtens de wet of de statuten moeten worden aangehouden. Het bestuur beslist over de verkrijging van aandelen en neemt dat besluit niet indien het bestuur weet of redelijkerwijs behoort te voorzien dat de vennootschap na de verkrijging niet zal kunnen blijven voortgaan met het betalen van haar opeisbare schulden. Indien de vennootschap na een verkrijging anders dan om niet niet kan voortgaan met het betalen van haar opeisbare schulden, zijn de bestuurders die dat ten tijde van de uitkering wisten of redelijkerwijs behoorden te voorzien jegens de vennootschap hoofdelijk verbonden voor het tekort dat door de verkrijging van zijn aandelen is ontstaan, met de wettelijke rente vanaf de dag van de uitkering, met inachtneming van het daaromtrent in de wet bepaalde.

Dit bericht heb ik in de flex-bv groep op LinkedIn aangekondigd, reacties zijn welkom.

Over Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Verbonden aan Pellicaan Advocaten, http://www.pellicaan.nl/, kantoor Capelle aan den IJssel (Rotterdam), telefoon 088-6272287, fax 088-6272280, e-mail ellen.timmer@pellicaan.nl ||| Weblogs: algemeen: http://ellentimmer.wordpress.com/ ||| modernisering ondernemingsrecht: https://flexbv.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in Flexibilisering bv-recht, Statuten naar nieuw bv-recht, Uitkeringen (o.a. dividend) en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Formulering van het inkoopartikel in statuten naar nieuw bv-recht

  1. Ik denk inderdaad dat de uitleg van artikel 2:207 lid 2 BW met betrekking tot het woord “‘of”, een taalkundige kwestie is. Je kunt iets niet (in dit geval aandelen anders dan om niet inkopen) indien je niet voldoet hieraan of daaraan, terwijl dat cumulatief is bedoeld. Ik kan het ook niet anders uitleggen. Daarom, zoals ik al in mijn boeken zeg: je kunt de wet niet volledig begrijpen zonder de toelichting daarbij. Mijn boeken zijn daarom een conditio sine qua non. Ik ben er niet trots op, maar het is nu (helaas) eenmaal zo.

    Hetzelfde kun je zeggen over het woord “tekort” waarvoor de bestuurders aansprakelijk zijn, indien niet aan de uitkeringstest wordt voldaan, zoals vermeld in de eerste zin van artikel 2:216 lid 3 BW. Volgens de parlementaire toelichting daarbij, wordt met tekort bedoeld een bedrag dat minder is dan het bedrag van de uitkering en zijn de bestuurders tot maximaal het bedrag van de uitkering aansprakelijk. Dat laatste zie je ook niet in de wet staan bij de bestuurders, maar wel bij de aandeelhouders in de vierde zin van artikel 2:216 lid 3 BW.
    Dezelfde tekst staat in artikel 2:207 lid 3 BW

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s