Is het nodig om de statuten te wijzigen in verband met het nieuwe bv-recht per 1 oktober 2012

Op dit weblog heb ik al in een aantal artikelen aandacht besteed aan de vraag of het belangrijk is de statuten van bestaande bv’s aan te passen.

Ook in de LinkedIn groep over de flex-bv loopt over dit onderwerp een discussie, gestart naar aanleiding van mijn bericht:

Lopende statutenwijziging en oprichtingsakten van bv’s dienen aan de flex-bv wetgeving te worden aangepast
Ik ben van mening dat lopende statutenwijziging en oprichtingsakten van bv’s dienen aan de flex-bv wetgeving te worden aangepast, om te voorkomen dat niet aan de informatieverplichtingen wordt voldaan. Wat vinden jullie?

Er komen diverse reacties op dit bericht onder meer van Dirk de Lange

Dirk de Lange • Ellen, ik ben het met jou eens dat de statuten moeten worden voorbereid op de flex-wetrgeving. Daarnaast zullen de statuten ook op het wetsontwerp bestuur en toezicht moeten worden voorbereid. En de statuten zullen natuurlijk ook nog moeten voldoen aan huidig recht. De makkelijkste manier om dit op te lossen, is te werken met overgangsbepalingen. Je neemt op in de nieuwe statuten dat bijvoorbeeld art 14 dat in jouw statuten gaat over tegenstrijdig belang met ingang van het tot kracht van wet worden van het wetsontwerp bestuur en toezicht vervalt en eventueel wordt vervangen door een bijzondere regeling. Datzelfde kun je doen met de oproepingstermijn voor de AV. En met de meeste wijzigingen. Als er behoefte is aan winstrechtloze aandelen, kun je een overgangsbepaling opnemen, die regelt dat lid 3 van artikel 24 uit jouw statuten waarin wordt geregeld dat elk aandeel naar evenredigheid deelt in de winst, de reserves en het liquidatieoverschot, met ingang van het tot kracht van wet worden van het wetsontwerp Flex-BV wordt vervangen door de (maatwerk)tekst die onderscheid aanbrengt in de winstgerechtigdheid van verschillende soorten aandelen. In het laatste geval heb je de instemming nodig van de houders van aandelen van wie de rechten worden beperkt. Ik ben van mening dat je die instemming ook nu al kunt halen. Als die aandelen na de statutenwijziging maar voor de wetwijziging worden overgedragen, wordt het spannend: is de opvolger gebonden aan de instemming bij voorbaat van de oude aandeelhouder? Als hij de statuten had bestudeerd, had hij kunnen zien dat zijn aandeel het winstrecht zal verliezen op 1 oktober 2012. Ik zou de veilige weg kiezen en de instemming willen zien van diegene die op 1 oktober 2012 houder van de betrokken aandelen zijn. Ben benieuwd hoe jullie hier tegen aankijken.

en van Wessel Bosse (notaris):

Wessel Bosse • Ik heb in diverse tijdschriftartikelen gewezen op de statutaire klem waarin huidige B.V.’s zitten na inwerkingtreding van de Flex-wet. Het is niet mogelijk om bij een statutenwijziging die voor 1 oktober a.s. plaats moet vinden, huidige statutaire bepalingen eruit te halen zonder consequenties. Bijvoorbeeld is na invoering van de Flexwet geen statutaire grondslag voor inkoop (artikel 207), financiële steunverlening (artikel 207c komt zelfs in het geheel te vervallen) en voor het besluiten van de algemene vergadering buiten vergadering (artikel 238). Als met het oog op de invoering van de Flexwet deze statutaire bepalingen er al voor 1 oktober a.s. uit de statuten worden verwijderd, kunnen deze rechthandelingen ook al voor 1 oktober a.s. niet meer verricht worden; immers onder de huidige wet is nog een statutaire grondslag vereist. Wat wel gedaan kan worden is in de statuten verwijzen naar de wetsbepalingen; volgens artikel 71 Overgangswet NBW geldt onder de huidige wet de huidige wetsbepaling en verandert die dienovereenkomstig na inwerkingtreding van de Flexwet.
Een andere mogelijkheid is hierboven aangegeven: werken met overgangsbepalingen. Is omslachtig naar mijn mening, maar het kan. Daarvoor zijn twee mogelijkheden:
1. de nieuwe bepalingen staan achterin de statuten, onder het kopje: overgangsbepalingen;
2. de nieuwe bepalingen staan in de statuten en in de overgangsbepalingen achterin staan de bepalingen die onder de huidige wet (nog) gelden.
Mijn voorkeur gaat naar de laatstgenoemde mogelijkheid, omdat, als de statuten worden bekeken na 1 oktober 2012, de dan geldende tekst meteen kan worden ingezien en de overgangsbepalingen niet meer behoeven te worden ingezien omdat die niet meer gelden.

Over Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Verbonden aan Pellicaan Advocaten, http://www.pellicaan.nl/, kantoor Capelle aan den IJssel (Rotterdam), telefoon 088-6272287, fax 088-6272280, e-mail ellen.timmer@pellicaan.nl ||| Weblogs: algemeen: http://ellentimmer.wordpress.com/ ||| modernisering ondernemingsrecht: https://flexbv.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in Flexibilisering bv-recht en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s